De spanning neemt met de dag toe. Het zou schitterend wezen als zij tijd vindt om even langs te komen. Het huis zal keurig opgeruimd zijn, de stoep geveegd. E. zal haar mooiste jurk dragen. We zullen haar hartelijk ontvangen en plaatsnemen aan de keukentafel om appeltaart te eten (geheim familierecept). Daarna zal E. de koningin haar slaapkamer laten zien en zich voor haar onder de deken verstoppen. Ja, de koningin - ik zeg niets geks - zij komt binnenkort de Malburgstaete openen. Waar wij wonen. Het is, wat ze noemen, een multifunctioneel woonzorgcomplex. We hebben hier van alles wat. Ouderen, jonge gezinnen, mensen in een rolstoel, alleenstaanden en een man in een rode Peugeot cabrio die keiharde housemuziek draait.
En laat ik Maria niet vergeten. Zij heeft hier een eigen kapel. E. wil er altijd binnenlopen na het boodschappen doen. Ik voel mij opgelaten als wij met een pond gehakt en een pak halfvolle melk voor de Heilige Maagd verschijnen. Vandeweek werd ik voor een nieuw probleem gesteld toen E. van Frits een appel had gehad en nog bezig was die op te eten toen zij wederom de Mariakapel betreden wilde. Ik hield haar tegen. In een Mariakapel kan toch niet gegeten worden. E. was het met haar vader niet eens en begon keihard ‘Ik wil naar Maria toe’ te schreeuwen. Omstanders keken ons aan. E. schroefde het volume nog wat op. Haar vasthoudendheid overtuigde mij ten slotte. Dit meisje moest een bijzonder band hebben met de Moeder Gods. We liepen naar binnen. E.’s aandacht ging uit naar de kaarsjes. Ik bladerde door het intentieboek. Iemand vroeg Maria om genezing van een ziek familielid, een ander verzocht om troost. Devoot keken E. en ik Maria aan. Ik ben benieuwd of Beatrix straks ook de kapel zal bezoeken. Dan staan ze daar tegenover elkaar. Allebei iets teveel rouge op de wangen.
(column De Gelderlander 7-11-2009)
Reacties